Herkomst en geschiedenis
De Shikoku (ook Shikoku Ken, "ken" betekent hond) is een middelgrote jachtspits uit de bergen van Shikoku, het kleinste van de vier Japanse hoofdeilanden. Volgens de FCI-standaard stamt hij af van middelgrote honden die al in de oudheid in Japan leefden. Hij werd vooral gefokt voor de jacht op wild zwijn in de bergen van de prefectuur Kochi, en heet daarom ook wel "Kochi-ken". Er waren drie slagen, Awa, Hongawa en Hata, genoemd naar hun streek. De Hongawa bleef het zuiverst, omdat zijn dalen zo moeilijk bereikbaar waren.
Het Japanse genootschap voor het behoud van de inheemse rassen, Nihon Ken Hozonkai (NIPPO), werd in 1928 opgericht en schreef de standaarden voor de Japanse honden. In 1937 werd de Shikoku tot "natuurmonument" verklaard. Het huidige ras gaat waarschijnlijk vooral terug op de Hongawa- en Hata-lijnen; de Awa-lijn verdween na de Tweede Wereldoorlog vrijwel. Nu geldt FCI-standaard nr. 319, groep 5 (spitsen en oertypen), sectie 5 (Aziatische spitsen), zonder werkproef. Hij heeft niets te maken met de Tosa, de Japanse molosser, is geen wolfhond en ook geen grote Shiba.
Ook Nederland heeft een plekje in de geschiedenis buiten Japan. Volgens de Nederlandse fokster Egitte van Veghel werden in haar kennel Van De Egmato in november 2000 en januari 2001 de eerste Shikoku-nesten buiten Japan geboren; dat schrijft ze zelf in een rasportret dat de Duitse rasvereniging DCNH publiceert. Onafhankelijk bevestigd is dat niet. Bij de Raad van Beheer zijn twee rasverenigingen voor de Shikoku aangesloten: Nippon Inu en de Nederlandse Vereniging voor Akita Inu's (NVAI). Pups met stamboom worden ingeschreven in het NHSB. Het ras blijft zeldzaam, ook in Japan.
Karakter en gedrag
De standaard beschrijft hem als opvallend uithoudend, scherp van zintuigen, energiek, zeer alert en natuurlijk, een gepassioneerde jager die gehoorzaam is aan zijn baas. De Raad van Beheer vat het samen als zeer temperamentvol, moedig en attent, zachtaardig tegenover mensen en toegewijd aan zijn baas. In de praktijk:
- Hij is een jager. Gefokt om wilde zwijnen te vinden en vast te houden in steil bos. De jachtdrift is hoog; katten, eekhoorns en reeën tellen mee.
- Hij is zeer gehecht aan zijn eigen mensen en vaak afstandelijk tot wantrouwig tegenover vreemden. Schuwheid is een fout in de standaard, maar een hond die iedereen begroet is hij niet.
- Hij kiest zijn hondenvrienden zelf. De Raad van Beheer noemt hem onverdraagzaam met andere honden. De Amerikaanse rasvereniging schrijft dat lijnreactiviteit bij jonge honden veel voorkomt en dat ruzie tussen honden van hetzelfde geslacht na de puberteit "vrij gebruikelijk" is.
- Hij is gevoelig. Te veel correcties en hij klapt dicht; onzekerheid uit zich vaak als drukte en bravoure.
Met kinderen waarmee hij opgroeit kan hij goed samenleven, maar het is een hond voor volwassenen die hem begeleiden, geen speelkameraadje om alleen te laten met kleine kinderen.
Grootte en uiterlijk
Middelgroot, compact en gespierd, iets langer dan hoog (10 : 11), met kleine, driehoekige, iets naar voren hellende staande oren, een wigvormige snuit, bijna driehoekige ogen en een dikke staart die gekruld of sikkelvormig over de rug wordt gedragen. De dubbele vacht bestaat uit vrij hard, recht dekhaar en een zachte, dichte ondervacht. Typisch is sesam, een gelijkmatige mengeling van zwarte, rode en witte haren; daarnaast zie je rood-sesam en zwart-sesam, en de FCI-standaard noemt ook rood en zwart met tan. Gevlekt (pinto) is een fout.
| Reuen | Teven | |
|---|---|---|
| Schofthoogte | 49-55 cm (ideaal 52 cm) | 46-52 cm (ideaal 49 cm) |
| Gewicht | ca. 16-25 kilo | ca. 16-25 kilo |
| Levensverwachting | 10-12 jaar | 10-12 jaar |
| Vacht | harde dubbele vacht | idem |
De hoogtes komen uit de FCI-standaard (tolerantie 3 cm rond het ideaal). De standaard noemt geen gewicht; het gewicht is een richtwaarde van de Amerikaanse AKC, de Raad van Beheer houdt het op 15-23 kilo.
Beweging en dagelijks leven
Reken op minstens een tot twee uur beweging per dag: stevig wandelen, lange tochten, speurwerk, zoekspelletjes, en hardlopen als hij volgroeid is. De Amerikaanse rasvereniging noemt hem gemiddeld energiek en atletisch, met veel uithoudingsvermogen en een goede "uit-knop" op rustige dagen.
Loslopen is met deze jachtdrift alleen veilig op een omheind terrein. Een terugroep die ook werkt als er wild opspringt, is de uitzondering. Houd je bovendien aan de aanlijnplicht in veel natuurgebieden. Een appartement kan bij een volwassen hond die genoeg beweging krijgt, maar een huis met een hoog, stevig hek is makkelijker.
Opvoeding
De Shikoku leert snel en hecht zich sterk, maar blijft een zelfstandige jager. Wat werkt: korte sessies, belonen met voer en spel, rustige consequentheid en veel socialisatie in het eerste jaar. De Amerikaanse rasvereniging waarschuwt dat hardhandigheid deze gevoelige hond doet dichtklappen.
Typische moeilijkheden:
- Terugroepen bij wild. Gebruik een sleeplijn tot de terugroep echt zit, en accepteer dat dat in open terrein misschien nooit gebeurt.
- Lijnreactiviteit naar andere honden, vooral in de puberteit. Afstand houden, rustig kijken belonen, drukke losloopgebieden mijden.
- Ruzie tussen honden van hetzelfde geslacht na de puberteit. Kies voor een tweede hond van het andere geslacht.
- Wantrouwen tegenover vreemden. Laat de pup voor 16 weken veel rustige mensen en plekken zien, en blijf daarmee doorgaan in de puberteit.
Verzorging
Het grootste deel van het jaar eenvoudig. De harde vacht stoot vuil af; eens per week borstelen is genoeg en wassen hoeft zelden. Twee keer per jaar, meestal in het voorjaar en het najaar, verliest hij de ondervacht in plukken; dan helpt een paar weken dagelijks borstelen met een ondervachthark. Niet scheren of trimmen. Knip de nagels regelmatig.
Gezondheid
De Shikoku geldt als robuust, maar de fokbasis buiten Japan is klein. De Amerikaanse rasvereniging noemt:
- Panosteïtis, groeipijn bij jonge honden die meestal vanzelf overgaat.
- Heupdysplasie (HD). Zelden ernstig bij een gezelschapshond, maar fokdieren moeten onderzocht worden.
- Allergieën en een gevoelige spijsvertering; sommige honden zijn kieskeurige eters.
- Epilepsie, in bepaalde lijnen, meestal vanaf jongvolwassen leeftijd. Er bestaat geen screeningstest.
- Immuungemedieerde polyartritis (IMPA), een waarschijnlijk erfelijke auto-immuunziekte van de gewrichten, zonder behandeling dodelijk.
- Gangliosidose, een lysosomale stapelingsziekte, altijd dodelijk, met eerste verschijnselen meestal rond 6 maanden. Er is nog geen DNA-test.
Volgens de Raad van Beheer stellen Nippon Inu en de NVAI in hun verenigingsfokreglement voor ouderdieren onderzoek naar heupdysplasie, een ECVO-oogonderzoek en onderzoek naar patella-luxatie verplicht. Sinds 1 oktober 2026 controleert de Raad van Beheer bij de dekaangifte of aan deze foknormen is voldaan. Vraag de uitslagen van beide ouders op papier, en vraag eerlijk naar epilepsie, IMPA en gangliosidose in de familie.
Kosten
Shikoku-pups zijn in Nederland schaars; een wachtlijst of een pup uit Duitsland, België of verder weg is gebruikelijk. Reken op ongeveer 1.500 tot 2.500 euro, meer bij een import uit Japan. Vraag de rasverenigingen naar aangesloten fokkers en het actuele pupaanbod. Pas op voor goedkope "Shikoku's" zonder stamboom.
Jaarlijkse kosten, grof:
| Post | ca. per jaar |
|---|---|
| Voer (hond van 16-25 kilo) | 350-550 euro |
| Dierenarts, vaccinaties, vlooien- en wormmiddelen | 300-450 euro |
| Dierenverzekering (optioneel) | 250-400 euro |
| Hondenschool, speurwerk | 100-250 euro |
De hondenbelasting verschilt per gemeente: in 2026 heffen nog maar zo'n 100 gemeenten die, gemiddeld ongeveer 76 euro per hond per jaar (ANP, januari 2026). Kijk op de site van je eigen gemeente. Controleer ook of je aansprakelijkheidsverzekering schade door je hond dekt.
Voor wie hij geschikt is en voor wie niet
Geschikt voor:
- ervaren eigenaren die oorspronkelijke, zelfstandige rassen kennen
- wandelaars en natuurmensen die een taaie, middelgrote metgezel zoeken
- huishoudens met één hond en een hoog, veilig hek
- wie een natuurlijke vacht met weinig onderhoud wil, afgezien van de rui
Niet geschikt voor:
- beginners en wie een makkelijk te sturen hond zoekt
- huishoudens met katten, konijnen of andere kleine huisdieren
- wie droomt van loslopen en drukke hondenspeelweides
- wie een hond wil die elke hond en elke vreemde geweldig vindt. Voor het Japanse type: de Shiba Inu is kleiner, de Akita een stuk groter; een vriendelijkere jachtspits vind je in de Finse Spits of de Noorse Elandhond